Infinitiefinvestiguer
Tegenwoordig deelwoordinvestiguant
Voltooid deelwoordinvestigué

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd

j'investigue
tuinvestigues
il, elle, oninvestigue
nousinvestiguons
vousinvestiguez
ils, ellesinvestiguent

Onvoltooid verleden tijd

j'investiguais
tuinvestiguais
il, elle, oninvestiguait
nousinvestiguions
vousinvestiguiez
ils, ellesinvestiguaient

Verleden tijd

j'investiguai
tuinvestiguas
il, elle, oninvestigua
nousinvestiguâmes
vousinvestiguâtes
ils, ellesinvestiguèrent

Toekomende tijd

j'investiguerai
tuinvestigueras
il, elle, oninvestiguera
nousinvestiguerons
vousinvestiguerez
ils, ellesinvestigueront

Aanvoegende wijs

Tegenwoordige tijd

que j'investigue
que tuinvestigues
qu'ilinvestigue
que nousinvestiguions
que vousinvestiguiez
qu'ilsinvestiguent

Onvoltooid verleden tijd

que j'investiguasse
que tuinvestiguasses
qu'ilinvestiguât
que nousinvestiguassions
que vousinvestiguassiez
qu'ilsinvestiguassent

Voorwaardelijke wijs

j'investiguerais
tuinvestiguerais
il, elle, oninvestiguerait
nousinvestiguerions
vousinvestigueriez
ils, ellesinvestigueraient

Gebiedende wijs

(tu)investigue
(nous)investiguons
(vous)investiguez

Vertalingen

Catalaans
investigar
Duits
untersuchen
Engels
to investigate
Spaans
investigar
Italiaans
investigare
Nederlands
onderzoeken
Portugees
investigar