Infinitiefcanaliser
Tegenwoordig deelwoordcanalisant
Voltooid deelwoordcanalisé

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd

jecanalise
tucanalises
il, elle, oncanalise
nouscanalisons
vouscanalisez
ils, ellescanalisent

Onvoltooid verleden tijd

jecanalisais
tucanalisais
il, elle, oncanalisait
nouscanalisions
vouscanalisiez
ils, ellescanalisaient

Verleden tijd

jecanalisai
tucanalisas
il, elle, oncanalisa
nouscanalisâmes
vouscanalisâtes
ils, ellescanalisèrent

Toekomende tijd

jecanaliserai
tucanaliseras
il, elle, oncanalisera
nouscanaliserons
vouscanaliserez
ils, ellescanaliseront

Aanvoegende wijs

Tegenwoordige tijd

que jecanalise
que tucanalises
qu'ilcanalise
que nouscanalisions
que vouscanalisiez
qu'ilscanalisent

Onvoltooid verleden tijd

que jecanalisasse
que tucanalisasses
qu'ilcanalisât
que nouscanalisassions
que vouscanalisassiez
qu'ilscanalisassent

Voorwaardelijke wijs

jecanaliserais
tucanaliserais
il, elle, oncanaliserait
nouscanaliserions
vouscanaliseriez
ils, ellescanaliseraient

Gebiedende wijs

(tu)canalise
(nous)canalisons
(vous)canalisez

Vertalingen

Catalaans
canalitzar
Duits
kanalisieren
Engels
to canalise
Spaans
canalizar
Italiaans
canalizzare
Nederlands
kanaliseren
Portugees
canalizar