Infinitiefbronzer
Tegenwoordig deelwoordbronzant
Voltooid deelwoordbronzé

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd

jebronze
tubronzes
il, elle, onbronze
nousbronzons
vousbronzez
ils, ellesbronzent

Onvoltooid verleden tijd

jebronzais
tubronzais
il, elle, onbronzait
nousbronzions
vousbronziez
ils, ellesbronzaient

Verleden tijd

jebronzai
tubronzas
il, elle, onbronza
nousbronzâmes
vousbronzâtes
ils, ellesbronzèrent

Toekomende tijd

jebronzerai
tubronzeras
il, elle, onbronzera
nousbronzerons
vousbronzerez
ils, ellesbronzeront

Aanvoegende wijs

Tegenwoordige tijd

que jebronze
que tubronzes
qu'ilbronze
que nousbronzions
que vousbronziez
qu'ilsbronzent

Onvoltooid verleden tijd

que jebronzasse
que tubronzasses
qu'ilbronzât
que nousbronzassions
que vousbronzassiez
qu'ilsbronzassent

Voorwaardelijke wijs

jebronzerais
tubronzerais
il, elle, onbronzerait
nousbronzerions
vousbronzeriez
ils, ellesbronzeraient

Gebiedende wijs

(tu)bronze
(nous)bronzons
(vous)bronzez

Vertalingen

Catalaans
bronzejar
Duits
braun werden; bräunen
Engels
to tan
Spaans
broncear
Italiaans
abbronzare
Nederlands
bruin worden; bruinen
Portugees
bronzear