Infinitiefgésir
Tegenwoordig deelwoordgisant
Voltooid deelwoord-

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd

jegis
tugis
il, elle, ongît
nousgisons
vousgisez
ils, ellesgisent

Onvoltooid verleden tijd

jegisais
tugisais
il, elle, ongisait
nousgisions
vousgisiez
ils, ellesgisaient

Verleden tijd

je-
tu-
il, elle, on-
nous-
vous-
ils, elles-

Toekomende tijd

je-
tu-
il, elle, on-
nous-
vous-
ils, elles-

Aanvoegende wijs

Tegenwoordige tijd

que je-
que tu-
qu'il-
que nous-
que vous-
qu'ils-

Onvoltooid verleden tijd

que je-
que tu-
qu'il-
que nous-
que vous-
qu'ils-

Voorwaardelijke wijs

je-
tu-
il, elle, on-
nous-
vous-
ils, elles-

Gebiedende wijs

(tu)-
(nous)-
(vous)-

Vertalingen

Catalaans
jeure
Duits
begraben liegen
Engels
to lie
Spaans
yacer
Italiaans
giacere
Nederlands
begraven liggen
Portugees
jazer