Infinitiefrelater
Tegenwoordig deelwoordrelatant
Voltooid deelwoordrelaté

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd

jerelate
turelates
il, elle, onrelate
nousrelatons
vousrelatez
ils, ellesrelatent

Onvoltooid verleden tijd

jerelatais
turelatais
il, elle, onrelatait
nousrelations
vousrelatiez
ils, ellesrelataient

Verleden tijd

jerelatai
turelatas
il, elle, onrelata
nousrelatâmes
vousrelatâtes
ils, ellesrelatèrent

Toekomende tijd

jerelaterai
turelateras
il, elle, onrelatera
nousrelaterons
vousrelaterez
ils, ellesrelateront

Aanvoegende wijs

Tegenwoordige tijd

que jerelate
que turelates
qu'ilrelate
que nousrelations
que vousrelatiez
qu'ilsrelatent

Onvoltooid verleden tijd

que jerelatasse
que turelatasses
qu'ilrelatât
que nousrelatassions
que vousrelatassiez
qu'ilsrelatassent

Voorwaardelijke wijs

jerelaterais
turelaterais
il, elle, onrelaterait
nousrelaterions
vousrelateriez
ils, ellesrelateraient

Gebiedende wijs

(tu)relate
(nous)relatons
(vous)relatez

Vertalingen

Catalaans
relatar
Engels
to recount; to relate
Spaans
relatar
Portugees
relatar