Infinitiefflotter
Tegenwoordig deelwoordflottant
Voltooid deelwoordflotté

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd

jeflotte
tuflottes
il, elle, onflotte
nousflottons
vousflottez
ils, ellesflottent

Onvoltooid verleden tijd

jeflottais
tuflottais
il, elle, onflottait
nousflottions
vousflottiez
ils, ellesflottaient

Verleden tijd

jeflottai
tuflottas
il, elle, onflotta
nousflottâmes
vousflottâtes
ils, ellesflottèrent

Toekomende tijd

jeflotterai
tuflotteras
il, elle, onflottera
nousflotterons
vousflotterez
ils, ellesflotteront

Aanvoegende wijs

Tegenwoordige tijd

que jeflotte
que tuflottes
qu'ilflotte
que nousflottions
que vousflottiez
qu'ilsflottent

Onvoltooid verleden tijd

que jeflottasse
que tuflottasses
qu'ilflottât
que nousflottassions
que vousflottassiez
qu'ilsflottassent

Voorwaardelijke wijs

jeflotterais
tuflotterais
il, elle, onflotterait
nousflotterions
vousflotteriez
ils, ellesflotteraient

Gebiedende wijs

(tu)flotte
(nous)flottons
(vous)flottez

Vertalingen

Catalaans
flotar
Engels
to float
Spaans
flotar
Italiaans
galleggiare
Nederlands
dobberen; drijven