Infinitiefformuler
Tegenwoordig deelwoordformulant
Voltooid deelwoordformulé

Aantonende wijs

Tegenwoordige tijd

jeformule
tuformules
il, elle, onformule
nousformulons
vousformulez
ils, ellesformulent

Onvoltooid verleden tijd

jeformulais
tuformulais
il, elle, onformulait
nousformulions
vousformuliez
ils, ellesformulaient

Verleden tijd

jeformulai
tuformulas
il, elle, onformula
nousformulâmes
vousformulâtes
ils, ellesformulèrent

Toekomende tijd

jeformulerai
tuformuleras
il, elle, onformulera
nousformulerons
vousformulerez
ils, ellesformuleront

Aanvoegende wijs

Tegenwoordige tijd

que jeformule
que tuformules
qu'ilformule
que nousformulions
que vousformuliez
qu'ilsformulent

Onvoltooid verleden tijd

que jeformulasse
que tuformulasses
qu'ilformulât
que nousformulassions
que vousformulassiez
qu'ilsformulassent

Voorwaardelijke wijs

jeformulerais
tuformulerais
il, elle, onformulerait
nousformulerions
vousformuleriez
ils, ellesformuleraient

Gebiedende wijs

(tu)formule
(nous)formulons
(vous)formulez

Vertalingen

Catalaans
formular
Engels
to formulate
Spaans
formular
Italiaans
formulare
Nederlands
formuleren
Portugees
formular